Wat doet een mixing console?

Mixing Consoles: hoe werken ze?

Heb je ooit naar een mengpaneel gekeken en je afgevraagd waar je moet beginnen? Het kan veel nieuwe producers bang maken vanwege het grote aantal schuifknoppen en draaiknoppen die naar je staren. Dat maakte het mij zeker de eerste keer dat ik er een zag.

Maar als je ze in detail bekijkt, zijn de consoles eigenlijk heel gemakkelijk te volgen. Je zult ook zien dat een hardware mixer erg veel lijkt op de mixer in je DAW.

Wat is een mengpaneel?

Op een mengtafel breng je alle elementen uit je productie samen. Het eindresultaat neem je op als stereo wave file. Op de mixer kopen de mics, DI's en line level signalen binnen. Je kunt ze hier al voorversterken, of je gebuikt een aparte pre-amp. Je kunt het binnenkomende signaal soms al bewerken met EQ en dynamics, maar dit kan ook achteraf. Je stuurt vanaf de mixer de binnenkomende signalen door naar je interface/geluidskaart/A/Dc convertor. Die signalen neem je op in je DAW. Vanuit je DAW worden de signalen weer los teruggestuurd naar de mixer zodat je de mix kunt maken. Je kunt groepen maken, signal processors op de inserts zetten, sends gebruiken om effecten of de headphone mix aan te sturen, en misschien meerdere monitoren aansturen.

Er bestaan analoge en digitale mengtafels, maar ook combinaties van die twee. Het kan bijvoorbeeld zijn dat alles analoog is, maar in de mengtafel het signaal op het laatste omgezet wordt naar digitaal en via USB/Firewire/ethernet o.i.d. naar de computer wordt gestuurd.

In Line en Split mengpanelen

Er zijn twee types mengpanelen die je moet onderscheiden. Kom je achter een nieuwe mengtafel te zitten dan is het eerste wat je dient te weten welk type het is.

Het verschil zit hem in twee "afdelingen" van de mengtafel:

Het inputgedeelte: de mic en line signalen die binnenkomen en naar je DAW of tape gestuurd worden (tape send)

Het afluistergedeelte: de signalen die je afspeelt vanuit je daw of tape en waar je naar luistert (tape return)

Bij een In-line tafel zitten deze twee afdelingen boven elkaar en kun je vaak kiezen welke afdeling welke functie heeft. De twee zitten "in een lijn" onder elkaar en kunnen verwisseld worden met een druk op de knop: vaak heet deze "flip" switch.

Onderstaand voorbeeld is een studio met in-line mixer: je ziet een rij kleine fadertjes en een rij grote faders boven elkaar. De ene rij is de monitor afdeling en de andere rij is de input afdeling.

Bij een split console (afbeelding hieronder) zijn deze twee afdelingen naast elkaar geplaatst; dit is vaak wat flexibeler maar neemt meer ruimte in en is vaak wat duurder.

Als je een kanaal van een simpele mixer indeelt in afdelingen dan ziet dat er altijd zo uit.

Hier zie je een afbeelding van een kleine mixer. Deze is niet bedoeld voor multitrack opnames maar voor live toepassingen. Deze mixer beschikt ook over eigen effecten; dat is iets dat je op analoge studio mengpanelen minder snel terug zult vinden, op digitale tafels echter des te meer.

Hieronder zie je een channel strip van de Toft ATB console en de aansluitingen aan de achterkant. Dit is een in-line mixer met 8 groepen.

Per kanaal heb je de volgende inputs:

  • Line voor line level signalen

  • Mon, voor de signalen die terugkomen van je DAW of tape

  • Insert: om signal processors zoals EQ en compressie aan te sluiten

  • Dir. O/P = direct output om de sporen per stuk naar je DAW of tape te sturen.

  • Mic, voor mics via XLR

De volgorde is niet helemaal logisch zoals je misschien merkt. Helemaal links zie je de volgende aansluitingen:

  • Master O/P: dit is de output van je master om op te nemen in je DAW, op CD of andere 2-track

  • Master ins = master insert: je kunt hier signal processors aansluiten

  • 2 TK ret = 2 track return: hiermee kun je luisteren naar een stereo afspeel apparaat zoals je telefoon

  • alt spkr: hier kun je een tweede set monitoren aansluiten

  • Main spkr= main speaker: hier sluit je je monitoren op aan

Vorige
Vorige

Het complete stap-voor-stap plan om vocals op te nemen

Volgende
Volgende

Stereo Microfoontechniek