Hoe maak ik een goed ritme?
Wat is ritme?
Ritme is het belangrijkste onderdeel van muziek. Ritme is simpelweg een patroon dat herhaald wordt. Dit is de drijvende kracht die mensen aan het bewegen krijgt, en kan van alles zijn; van drums tot gitaar, van synths tot dubstep growls, van vocals tot shakers. Alles met een patroon dat herhaald, wordt een ritme. En zonder ritme is er geen muziek.
In dit hoofdstuk gaan we langs de twee belangrijkste ritme-instrumenten, drums en percussie, en laten we zien hoe je een ritme maakt in je daw.
Welke Ritme-instrumenten zijn er?
Drums
Laten we beginnen met de instrumenten! Het bekendste ritme-instrument is natuurlijk de drums. Er zijn akoestische drums en elektronische drums, maar de standaard onderdelen zijn altijd hetzelfde:
Kick (ook wel basdrum, maar kick drum is een meer gebruikte benaming.)
Snare & clap
Hihat
Toms: meestal hi-, mid- en floor tom
Cymbals of bekkens. Dit zijn de crash, ride, china, splash, en soms ook hihats.
Drumcomputers
Wat de hele elektronische muziek rage op gang bracht was de uitvinding van drumcomputers zoals de 808 en 909 van Roland. Ze gaven een nog nooit eerder meegemaakte vrijheid om een patroon zo strak mogelijk te krijgen, zoals we dat nu met MIDI kunnen. Veel van de oude drumcomputers worden nog steeds volop gebruikt; sommige zelfs bijna per definitie. De 808 en hiphop gaan hand in hand, en er zijn maar weinig house-platen die niet nog steeds iets van de 909 drumcomputer gebruiken. Één ding is zeker: De sound van een drumcomputer gaat niet meer weg.
Percussie
Met percussie bedoelen we alle instrumenten die je voor ritme gebruikt, maar die geen duidelijke, gestemde toon hebben, zoals bongo's, conga's, triangels etc. In sample packs en apps nemen ze het echter niet zo nauw met deze onderverdeling; vaak vallen bijvoorbeeld hihats of toms ook onder percussie.
Hier een lijstje met ideëen voor percussie-instrumenten, voor als je iets nodig hebt in je track. Er zijn honderden soorten, maar dit is een kleine selectie:
Tamboerijn
Shakers
koebel
Conga's
Bongo's
Calabas
Maracas
Tar
Darbuka
Bodhrán
Guiro
Qraqeb
Tabla
Idiofonen: Marimba, xylofoon, vibrafoon
Nagata Shachu gooit al zijn kracht op de grootste Taiko van het ensemble: de Ō-daiko
Wat is het basis drumpatroon?
De drums spelen bijna altijd op vergelijkbare plekken, end an vooral de kick, snare, en hihats. Kijk maar eens naar het voorbeeld hieronder: De kicks herhaalt zichzelf consistent op de 1e en de 3e tel. De snare en claps zitten daar tussenin op de 2e en de 4e tel. De closed hat, of hihat, zit consistent op de achtsten van de maat, of twee keer per tel.
Dan zijn er nog de shaker, de perc hit en de cowbell die minder consistent zijn, maar wel een herhalend patroon spelen. Ze zitten niet op de tel, maar ervoor en erna. Hierdoor krijg je een speelser gevoel. Dit is de belangrijke balans waar alle grooves uit bestaan:
Een duidelijke, simpele basis van kick/snare/hihat die een consistent ritme spelen, en daarbovenop percussie zoals shakers/hits/cowbells die een veel losser ritme spelen.
Uitdaging: Maak dit ritme eens na in je DAW. Hoe klinkt het als je een laag weghaalt? Wat doet dat met de dansbaarheid? Wat gebeurt er als je de noten gaat verschuiven, blijft het dan nog steeds lekker ritmisch?
Ritme is het patroon in muziek. Ritme kan dus wel bestaan zonder melodie, maar melodie niet zonder ritme.
Groove
Een mens kan nooit exáct op de maat spelen; je zit er altijd nét naast. Het gaat hier om fracties van seconden te vroeg of te laat zijn, maar dit is waar de menselijkheid van muziek vandaag komt. Je kunt expres net te snel spelen, of net te traag, om muziek energieker of juist meer laid-back te laten klinken. Dit is deel van de groove van je muziek: De manier waarop de noten getimed zijn.
Kijk nog eens naar het voorbeeld hierboven: Terwijl alle noten keurig op de maat staan, zijn er hier en daar toch hele kleine verschuivingen in timing. Hierdoor voelt een drumpatroon levendiger en echter. De kick staat meestal wèl precies op de tel; er moet wel IETS strak gespeeld worden, anders wordt het rommelig.
Nootwaarden
Met nootlengte geef je aan hoe lang een noot duurt. Ieder muziekstuk bestaat uit een x aantal maten of bars. Zo'n maat is onderverdeeld in een aantal tellen. Hoeveel tellen er zijn in een maat noem je de maatsoort.
De meest voorkomende maatsoort is de vier-kwartsmaat: 4/4. Dat betekent dat er vier tellen in deze maat zitten.
Een kwartnoot is in dit geval een kwart van de maat/bar, en duurt dus één tel/beat.
Een halve noot duurt een halve maat: 2 tellen/beats
Een hele noot een duurt hele maat: 4 tellen/beats
Speel je twee keer zo snel als een beat? Dan speel je achtste noten. Je telt dan per maat: 1 uh, 2 uh, 3 uh, 4 uh. Dit is een mooie plek voor hihats.
Speel je nog twee keer zo snel dan speel je zestiende noten. Je telt dan bijvoorbeeld zo: "poffertjes en crackertjes en poffertjes en crackertjes en" (vanwege de 4 lettergrepen per beat). Dit is een mooie plek voor bv shakers en tambourijnen.
Hieronder zie je de verschillende nootlengtes in de midi editor van Cubase:
Wat zijn Triolen en Triplets?
In plaats van je tel in tweeën te delen kun je hem voor de variatie ook in drieën delen. Dit heet een triool en triplet in het Engels. Kijk hier beneden maar eens:
Iedere beat is in drie delen verdeeld. Normaal passen er twee achsten noten in de beat; nu zijn het er drie. Het gaat hier dus om een 1/8ste triool. Je kunt een beat ook in vijven verdelen: dat heet een kwintool, in zeven delen een septool etc.
Welke maatsoorten zijn er?
In je muziek kun je uiteraard ook andere maatsoorten gebruiken. In EDM etc. is dit niet heel gebruikelijk, maar bij andere muziekstijlen wel, zoals pop, rock, jazz, metal, en ook volksmuziek. We gebruiken dan dezelfde nootwaarden, alleen het aantal tellen per maat verandert, en waar je het accent in de maat speelt.
Je ziet in de onderstaande afbeelding dat bij maat 3 de maatsoort/signature wisselt naar drie tellen per bar: een 3/4 maat. Bij een drie kwartsmaat heb je een hard accent op de eerste tel en tel je dus: 1-e, 2-e, 3-e - 1-e, 2-e, 3-e.
Zo heb je ook 6/8ste maten. Het lijkt hetzelfde te zijn, maar muzikaal gezien ligt het accent anders: je hebt een extra zachter accent op de vierde tel: 1, 2, 3 - 4, 5, 6, -1, 2, 3 - 4, 5, 6
Je kan ook gek doen en in 5/4 spelen; dit wordt vaak in technischere metal en Jazz gebruikt, maar ook in volksmuziek. Je kan dan bijvoorbeeld zo tellen: 1, 2, 3, 1, 2 met accenten op de eerste en tweede 1.
Als je in je DAW maatsoortwisselingen wilt gebruiken dan kun je dit doen met je signature -track. In Cubase bijvoorbeeld ziet dit eruit zoals in de onderstaande afbeelding.